Actief en passief

Halverwege de donderdagmiddag, net voor ik mijn fiets op ging halen, werd ik gebeld. Eén van de Musketiers. Na even gecheckt te hebben of ik niet toevallig aan de wandel was zei hij, Als je zin hebt in een lang weekend kan ik morgen de toto wel waarnemen. Ik zou er even over nadenken. Wat maar goed was ook, want ik was vergeten dat ik in de ochtend nog een afspraak had staan. Ik ging voor een middag vrij. Gisterenmiddag dus.

Van te voren had ik plannen, maar er kwam niets van terecht. Het was kouder dan gedacht en het werd een luierdag. Buiten de boodschappen deed ik niks. Beetje social media surfen, spelletje spelen. Nah.

Voor vandaag, de laatste dag van april. Een dag waarop ik vijfenvijftig jaar lang de vlag heb zien wapperen omdat mijn vader jarig was (en vooruit, omdat twee Koninginnen op rij die dag hun verjaardag vierden). Wederom ging ik voor een luierdag. Alleen anders.

Daar waar ik gisteren passief luierde, en gevoelsmatig mijn tijd verlummelde, had ik vandaag een actieve luierdag. Bewust een uurtje met mijn planner bezig zijn. Bewust met een boek buiten in de zon zitten. Bewust even mijn ogen dicht doen en genieten van de zon. Zelfs bewust even door social media scrollen. Het bleek een Yeah-dag.

En ik (her)leerde dat je van actief luieren veel meer energie krijgt dan van passief luieren. Al is dat laatste soms gewoon nodig en alles wat er inzit voor een dag.

Schaapachtig II + III

Gisteren bracht ik mijn fiets naar de fietsenmaker. Of er nog bijzonderheden waren, vroeg de monteur. Ik noemde mijn bijzonderheden op maar zei er bij… Het zou zo maar kunnen dat dat komt omdat ik nog niet helemaal gewend ben aan de elektrische fiets. Geen punt. Hij zou er wel een rondje op fietsen en als er iets geks aan de hand was, zou hij het oplossen.

Halverwege de middag haalde ik mijn fiets op. Bij het aanzetten van de display zag ik dat de motor niet meer op standje Eco stond, maar op automatisch. Dat corrigeerde ik meteen. Al fietsend viel het mij al snel op dat mijn benen niet langer sneller gingen dan de vijfde versnelling aankon.

Waarschijnlijk doordat de fiets in de zevende versnelling stond. Kuch. Nooit geweten dat mijn fiets zoveel versnellingen heeft. Ik voelde mij schaapachtig tot de macht 2.

Vanmorgen startte de fiets wederom in standje automatisch en ik ging terug naar Eco. Wel schakelde ik extra ondersteuning bij op het moment dat ik tegen de brug omhoog fietste en er waren nog een paar momenten dat Eco (aka bijna uit) niet voldoende bleek. Ik was al bijna op het werk toen een mogelijke reden van die automatische instelling tot mij doordrong. Vorige week was ik vergeten om de motor een standje hoger te zetten, en toen ik de fiets gisteren af had gegeven stond deze weer op standje Eco, en was ik wederom kortademig.

Ik vermoed zomaar dat de monteur mij heeft willen helpen. Op de terugweg ben ik dus voor de automatische instelling gegaan om de deze te testen en euh… dat fiets niet erg energiezuinig maar wel lekker. Zonder er verder bij na te denken. Ik voel mij ondertussen een kubieke schaap.

Misschien toch maar eens de gebruiksaanwijzing doornemen.

Toet&Co: End den hai sai..

Wanneer ik thuis kom zitten de Boysz niet op hun vertrouwde plek op de vensterbank maar hangen in de buurt van mijn werkplek rond. Ik kijk rond en mis een heleboel stof. Ik heb gestoft en gezogen, zegt Zoon, en heb de Boysz geholpen naar een veilige plek te gaan. Toet en Rozi kijken neutraal voor zich uit terwijl Moeltje middels een geluid wat minder neutraal overkomt. Maar ook hij doet er het zwijgen toe. Tot Zoon de kamer verlaat.

Geholpen, geholpen… bromt Toet. Er was weinig helpen aan hoor. Rozi knikt. Hij begon gewoon met dat stofding te wapperen. Hele stofwolken vlogen door de lucht. Door zacht te niezen probeerde Toet zijn aandacht te trekken maar hij deed net of hij ons niet hoorde. Pas nadat ik een olifanten-nies had laten horen, keek hij naar ons.

End den hai sai… as joes not very snel somewhere else go spelen, ai will gebruik joes as duster. Toet has al duh goede color. Rozi begint te giebelen. Dat klopt natuurlijk wel want er kwam een hoop grijs stof achter de verwarming vandaan. Dat wilde ik niet op mijn mooie roze velletje krijgen. Toet trekt een lelijk gezicht. Maar we konden niet weg want hij had de stoel al verplaatst en wij hadden natuurlijk geen zin om ons op de grond te laten vallen. Wij hadden geen zin in blauwe plekken.

Ik kijk de Boysz aan. Maar hoe zijn jullie dan boven op die kast gekomen? De knuffels kijken elkaar. Zoon heeft ons deze kant op laten vliegen, biecht Toet op. Cool joh, met salto’s, voegt Rozi toe. Maar waarom dan die lange gezichten?, vraag ik verbaasd. Hij heeft ons maar één keer laten vliegen, bromt Toet. En wij wouden wel 100 keer zo vliegen. Ik snap de Boysz en ik snap Zoon. Eenmaal aan het stofkarwei begonnen wilde hij dat natuurlijk zo snel mogelijk af hebben.

Ik snap alleen de humph van Moeltje niet. Waarom ben jij zo boos? vraag ik het kleine beertje. Ik zie dat zijn onderlip begint te trillen. Ai had gehoopt … A long time aga ai woas natuurlijk his special friend…. Ai had gedacht… Det hai sou mai wel extra laten flying. Or perhaps un knuffeltje gaiven. But no. As if it’s not done to cuddle a cuddly toy when you’re old enough to loose your hair.

Ik kan een glimlach niet onderdrukken vanwege zijn omschrijving van ouder worden. Maar veeg de lach weer snel van mijn gezicht wanneer ik uitleg dat kleine kinderen anders groot worden dan knuffels. Det weten wai, bud ai ben still un beetje sad, zegt het beertje.

Het wordt avond. De Boysz zitten nog steeds op de kast bij de balkondeur. En dan, bij het voorbij lopen, kietelt Zoon Moeltje en geeft de andere twee een knipoog. Kleine kinderen worden groot, maar dat wil niet zeggen dat het kind verdwijnt. De rest van de avond ligt Moeltje met een gelukzalige lach op zijn snuit naar het plafond te staren. Hai hold nog van mai. Just like de oude times.

Toet, Rozifantje en Moeltje, aka de Boysz, zijn drie magische knuffels die mijn leven mooier maar op zijn tijd ook zwaarder maken. Toet is van oorsprong een CliniClown muis, Rozifantje is een creatie van Appelig en daarmee one of a kind, en Moeltje is in 1997 in de rugzak van Zoon mee naar Nederland gekomen, en woont hier sindsdien min of meer illegaal.